Mail naar Auto Service van der Velden





We nemen zo snel mogelijk contact met je op.

Bel mij terug





We nemen zo snel mogelijk contact met je op.
Facebook account van Auto Service van der Velden Contact opnemen met Auto Service van der Velden Bel naar Auto Service van der Velden
Euromobil Zoetermeer - Auto & Fiscus
Auto Service van der Velden
>
Nieuw Euromobil account aanmaken


Reserveren

Ons dagtarief is gebaseerd op 24 uur.
Voor de openingstijden van onze vestigingen verwijzen we je naar onze partnerwebsites.

Contact partners



Naar stap 2: Model opties

Auto & Fiscus


Hoge Raad: Geen teruggaaf van BPM als er geen BPM betaald is

In een nieuwe BPM-zaak heeft de Hoge Raad geoordeeld dat teruggaaf van BPM bij export niet mogelijk is als er in Nederland op een eerder moment geen BPM is afgedragen.

Het betrof een zaak van een autohandelaar die in maart 2014 een auto exporteerde naar Duitsland en de auto in Nederland uit het kentekenregister uitschreef. Zo’n export zou normaalgesproken een BPM-teruggaaf opleveren. De hoogte van de teruggaaf is dan afhankelijk van de leeftijd van de auto en de oorspronkelijke bruto BPM. Bijzonder aan deze zaak was echter dat de auto in maart 2008 een Engels kenteken had gekregen en een jaar later bij een verhuizing van de eigenaar naar Nederland was gekomen. Die vorige eigenaar had daarvoor gebruik gemaakt van een BPM-vrijstelling voor verhuisboedelgoederen.

Toch vond de autohandelaar dat hij een teruggaaf zou moeten krijgen. Hij stelde namelijk dat de verhuisboedelvrijstelling ten onrechte was verleend. Omdat de auto toen een kilometerstand had van nog maar 354 kilometer, was het volgens hem een nieuwe auto.

De Hoge Raad oordeelde echter dat in dit geval vaststond dat er een vrijstelling verleend was. De teruggaafregeling van de BPM moet dan zo uitgelegd worden dat er alleen een bedrag wordt teruggegeven als er eerst BPM is betaald.

 

18-11-2017http://www.autoenfiscus.nl/images/news/thumb280_Image1.JPG

Europese Commissie: CO2-uitstoot tot 2030 met 30% omlaag

De Europese Commissie heeft nieuwe streefcijfers voorgesteld voor de gemiddelde CO2-uitstoot van nieuwe personen- en bestelauto’s in de EU. Die uitstoot moet in 2030 30% lager zijn dan in 2021. Dat moet de overstap naar emissiearme en emissievrije voertuigen helpen versnellen.

Met het klimaatakkoord van Parijs heeft de internationale gemeenschap zich uitgesproken voor een overstap naar een moderne koolstofarme economie. Met de nieuwe streefcijfers moet de EU de kans grijpen om een wereldleider te worden, aldus de Europese Commissie. De Commissie ziet de Verenigde Staten en China heel snel vorderingen maken. Om het Europese marktaandeel te behouden en de overstap naar emissiearme en emissievrije voertuigen te versnellen, worden er nu nieuwe streefcijfers voorgesteld voor de gemiddelde CO2-uitstoot van nieuwe auto’s in de EU.

De CO2-normen zijn overigens niet vrijblijvend. Hiervoor gelden afdwingbare regels om een gelijk speelveld te creëren voor alle bedrijven die in Europa actief zijn. Innovatieve technologieën worden daarbij gestimuleerd. Voor het jaar 2021 geldt voor personenauto’s een norm van 95 gram/km en voor bestelauto’s een norm van 147 gram/km. Met het nieuwe voorstel zal  de gemiddelde CO2-uitstoot in 2030 voor zowel nieuwe personenauto's als bestelwagens 30 % lager moet liggen dan in 2021. 

De CO2-uitstoot werkt in de Nederlandse autobelastingen vooral door in de aanschafbelasting BPM, die voor personenauto’s vrijwel geheel op de CO2-uitstoot gebaseerd is.

 

09-11-2017http://www.autoenfiscus.nl/images/news/thumb280_Bulc-eu.jpg

Afkoopregeling privégebruik bestelauto van toepassing?

De loonbelasting kent voor bestelauto’s die doorlopend afwisselend gebruikt worden, een afkoopregeling van 300 euro per bestelauto per jaar. Die regeling kan alleen toegepast worden als het moeilijk vast te stellen is of en aan wie de bestelauto ter beschikking is gesteld.

Dat werd onlangs nog weer bevestigd in een uitspraak van het Gerechtshof in Amsterdam. Daarin ging het om een directeur-aandeelhouder (dga) die een bestelauto van zijn B.V. gebruikte. Ook zijn zoon nam de bestelauto wel eens mee naar huis, en verder gebruikten andere werknemers de bestelauto af en toe.

Allereerst stelde het Hof vast dat de bestelauto ter beschikking was gesteld in de zin van de bijtelling. Bij de rechtbank had de dga al verklaard dat de auto door hem en zijn zoon (ook werknemer van de B.V.) na werktijd mee naar huis werd genomen. Verder is niet gebleken dat hier een situatie aan de orde is waarin de werknemer die de auto bestuurde dit slechts mocht doen “ter uitvoering van bepaalde opdrachten van de werkgever om in diens belang bepaalde personen of goederen te vervoeren”. Zou dat wel zo zijn, dan is er op basis van een uitspraak van de Hoge Raad uit 2016 geen sprake van terbeschikkingstelling van de auto. 

De dga stelde ook dat de afkoopregeling voor doorlopend afwisselend gebruikte bestelauto’s van toepassing is. Het Gerechtshof oordeelde daarover dat het voor toepassing van deze regeling vereist is dat het “bezwaarlijk moet zijn vast te stellen of en aan wie de auto’s voor privé-doeleinden ter beschikking zijn gesteld”. Volgens het Hof was dat hier niet zo omdat de auto feitelijk alleen aan de dga ter beschikking is gesteld. Hij neemt de auto ’s avonds geregeld mee naar huis en privé gebruik is niet verboden. Verder had hij het als dga in de hand wie als bestuurder van de auto fungeerde en op welke wijze van de auto gebruik werd gemaakt. Dat ook andere werknemers overdag (en de zoon ook ’s avonds naar zijn huis) in deze auto reden maakt dat niet anders.

 

04-11-2017http://www.autoenfiscus.nl/images/news/thumb280_Sprinter2.jpg

Ondernemerstarief voor bestelauto van gemeente?

Hebben gemeenten voor hun bestelauto’s recht op het verlaagde ondernemerstarief voor bestelauto’s? De Gemeente Sliedrecht procedeerde daar recent over.

Het ging in die zaak bij Rechtbank Den Haag om drie bestelauto’s van de Gemeente Sliedrecht. Deze bestelauto’s werden gebruikt voor het inzamelen van veegvuil, het legen van prullenbakken en voor de groenvoorziening.

Voor het verlaagde bestelautotarief voor ondernemers geldt dat er sprake moet zijn van btw-ondernemerschap en dat de bestelauto voor meer dan 10% wordt gebruikt in het kader van die onderneming.

De gemeente beschikte over een btw-nummer. Het verschil van inzicht zat echter het zakelijke gebruik. De gemeente stelde dat zij geen privégebruik kent, zodat alle door haar gebruikte goederen en diensten in het kader van de onderneming gebruikt worden.
De rechtbank was het daar niet mee eens. De rechter oordeelde dat alleen de ‘economische activiteiten’ relevant zijn voor het gebruik in het kader van de onderneming. Omdat het gebruik in het kader van de niet-ondernemersactiviteiten groter dan 90% was, had de gemeente geen recht op het verlaagde tarief. 

Deze procedure ging over de motorrijtuigenbelasting. Dezelfde argumentatie kan echter gebruikt worden voor de vraag of de BPM-vrijstelling voor bestelauto’s wel of niet van toepassing is.

 

28-10-2017http://www.autoenfiscus.nl/images/news/thumb280_enveloppen3.JPG

Wijziging in het begrip catalogusprijs

Zoals bekend, wordt de bijtelling voor privégebruik berekend als percentage van de catalogusprijs.
Volgens de huidige wet gaat het daarbij om de catalogusprijs die door de fabrikant of de importeur aan wederverkopers is bekendgemaakt.

Uit de jurisprudentie blijkt dat eventuele kortingen niet doorwerken in de catalogusprijs voor de bijtelling als deze kortingen niet zijn verwerkt in die door de fabrikant of importeur bekendgemaakte prijs.

Kortingen die door de fabrikant of importeur wel worden doorvertaald in de aan de dealers bekendgemaakte prijslijst, leiden op dit moment dus wel tot een lagere catalogusprijs voor de bijtelling. Per 2018 verandert dat als de Tweede en Eerste Kamer instemmen met het wetsvoorstel hiervoor. De nieuwe prijs moet dan, om fiscaal effect te kunnen hebben, ook publiek bekend gemaakt worden. 
De wetgever kiest voor deze maatregel omdat dit leidt tot grotere transparantie over de catalogusprijs en dus tot een meer gelijk speelveld voor alle belastingplichtigen. Mits publiekelijk bekendgemaakt, kunnen prijsaanpassingen ook vanaf 2018 nog steeds tot lagere bijtelling leiden.

21-10-2017http://www.autoenfiscus.nl/images/news/thumb280_Belastingdienstzwolle.jpg

Mobiliteit in het regeerakkoord

Het coalitieakkoord van het kabinet Rutte III bevat voor de belastingen die de mobiliteit raken de volgende maatregelen.

Het streven is dat uiterlijk in 2030 alle nieuwe auto’s emissieloos zijn. De fiscale stimulering van emissieloze auto’s wordt in lijn hiermee uitgefaseerd. Voor het nieuwe wagenpark wordt gezorgd voor een voldoende tank- en laadinfrastructuur. Levering en exploitatie van laadapparatuur blijft primair de verantwoordelijkheid van marktpartijen.

Door het instellen van een milieuzone en het hanteren van lagere parkeertarieven voor emissieloze auto’s hebben gemeenten instrumenten om de luchtkwaliteit in binnensteden te verbeteren. Er zal één systeem met eenduidige categorieën en borden voor milieuzones worden ingevoerd.

Voor de BPM wordt geregeld dat de teruggaaf voor taxi's verdwijnt.

Samen met de Mobiliteitsalliantie voert het kabinet in deze kabinetsperiode pilots uit om ervaringen op te doen met alternatieve vormen van vervoer en betaling, zonder dat dit leidt tot een systeem van rekeningrijden.

In navolging van omringende landen wordt zo spoedig mogelijk een kilometerheffing voor vrachtverkeer ingevoerd. Het registratiesysteem en het betalingssysteem wordt gelijk aan dat in de buurlanden, zodat voor vrachtauto’s geen extra apparatuur benodigd is. De inkomsten uit de heffing zullen in overleg met de sector worden teruggesluisd naar de vervoerssector door verlaging van de motorrijtuigenbelasting op vrachtauto’s en gelden voor innovatie in en verduurzaming.

Het hoge vennootschapsbelastingtarief daalt in stappen van 25% naar 21% en het lage tarief van 20% naar 16%. Dat betekent indirect ook dat B.V.’s en N.V.’s hun aftrekposten tegen een lager tarief kunnen verzilveren. Het kan daarom verstandig zijn zodra de exacte ingangsdatum van de tariefsverlaging bekend is, orders naar voren te halen zodat de kleinschaligheids-, milieu-, en energie-investeringsaftrek mogelijk tegen een hoger tarief aftrekbaar zijn.

 

10-10-2017http://www.autoenfiscus.nl/images/news/thumb280_geld4.JPG

Rechter gaat voorbij aan achteraf opgestelde rittenregistratie

Een achteraf opgestelde rittenregistratie zonder objectief controleerbare gegevens levert geen tegenbewijs voor de bijtelling op. Dat was althans de uitkomst van een recente procedure bij Gerechtshof Arnhem.

Het ging daarbij over een naheffing van de bijtelling over maar liefst 5 jaren. In die jaren had deze directeur-aandeelhouder twee auto’s van zijn B.V. in gebruik. Voor één van beide was de bijtelling berekend, maar voor de andere niet.

Voor die zakelijk gebruikte auto was in het verleden wel een rittenregistratie bijgehouden, maar vanaf 2008 gebeurde dat niet meer. In de loop van 2008 had de B.V. ook schriftelijk aan de directeur laten weten dat alleen de ene auto “mede voor privégebruik aan u ter beschikking is gesteld”.

De achtergrond daarvan zal geweest zijn dat de zakelijke auto dan überhaupt niet ter beschikking staat, zodat ook tegenbewijs niet nodig is.

De rechter oordeelde echter dat het vaste rechtspraak is dat als “aan een belastingplichtige door zijn werkgever meerdere auto’s ter beschikking zijn gesteld, in beginsel voor ieder van die auto’s een bijtelling dient te worden toegepast”. Daar kan dan vervolgens tegenbewijs tegen geleverd worden. Dat hoeft niet per se een rittenregistratie te zijn. Ook op andere wijze kan overtuigend aangetoond worden dat de auto op kalenderjaarbasis voor niet meer dan 500 kilometer voor privédoeleinden is gebruikt. Dat is echter wel een heel lastige bewijspositie. Dat bleek hier ook. Verklaringen van onder meer de echtgenote over het privégebruik van de auto werden ter zijde geschoven, omdat zij mede belang had bij de uitkomst van de procedure.

De rittenregistratie die de directeur alsnog heeft gereconstrueerd voor één van de controlejaren leverde evenmin het verlangde bewijs. De rittenregistratie bevatte volgens de rechters geen objectief controleerbare gegevens. Zo ontbraken bijvoorbeeld gegevens van de Nationale Auto Pas of facturen van garagebedrijven aan de hand waarvan de feitelijke kilometerstand op enig moment kan worden vastgesteld. Per rit bevatte de rittenregistratie ook geen begin- en eindstand van de kilometerteller van de auto, niet altijd de exact adressen, en de afstand was soms geschat. Omleidingen en extra kilometers voor bijvoorbeeld tanken en garagebezoek waren ook niet opgenomen.
De combinatie van alles was deze berijder heeft aangedragen was voor het gerechtshof onvoldoende tegenbewijs ter voorkoming van de bijtelling. 

Het direct starten met een goede (digitale) rittenregistratie kan dit soort discussies voorkomen. Bij gebruik van meerdere zakelijke auto’s tegelijkertijd kunnen soms ook afspraken met de belastingdienst gemaakt worden over de hoogte van de bijtelling.

 

28-09-2017http://www.autoenfiscus.nl/images/news/thumb280_enveloppen1.JPG

Prinsjesdag 2017 en de maatregelen voor 2018

Op Prinsjesdag geven wij u traditiegetrouw een overzicht van de per volgend jaar te verwachten maatregelen in de autobelastingen.

In de wetsvoorstellen van Prinsjesdag zitten dit jaar niet veel specifieke maatregelen voor de autobelastingen voor volgend jaar. De eerste reden daarvoor is de demissionaire status van het kabinet, waardoor de plannen voor 2018 beleidsarm zijn. De tweede reden is dat we nu in het eerste jaar zitten van de uitwerking van de plannen uit Autobrief II, waarin voor een nieuwe vierjaarsperiode diverse maatregelen zijn genomen.

Al deze maatregelen samen betekenen voor 2018 het volgende.

Bijtelling

Voor de bijtelling geldt in 2018 een standaardpercentage van 22%. Een bijtellingskorting is er voor nieuwe auto’s alleen nog bij een CO2-uitstoot van 0 gram/km. De bijtelling is dan 4% van de cataloguswaarde. De beperking van dit 4%-forfait tot de eerste 50.000 euro gaat pas per 2019 in voor auto's met een Datum Eerste Toelating vanaf 2019 en voor auto's waarvoor het bijtellingspercentage na de eerste 60 maanden opnieuw wordt vastgesteld.

In februari 2018 zal tussentijds worden geëvalueerd hoeveel gebruik er wordt gemaakt van het verlaagde bijtellingspercentage. De Tweede Kamer kan dan besluiten het percentage bij te stellen.

Het oude 25%-tarief geldt nog voor alle auto’s met een eerste tenaamstelling tot en met 2016. Als op die auto’s destijds een lagere bijtelling gold in verband met lage CO2-uitstoot, mag dat percentage gebruikt blijven worden zolang de 60-maandsperiode niet verstreken is.

Voor de catalogusprijs gaat vanaf 2018 gelden dat deze door de fabrikant of importeur publiekelijk kenbaar gemaakt moet worden. Op dit moment geldt dat de prijs alleen aan de wederverkopers kenbaar gemaakt hoeft te worden.

BPM

De BPM-schijven worden per 1 januari aangepast aan de technische vooruitgang die tot CO2-afname leidt. Dit gebeurt door aanscherping van de CO2-normen van de tariefschijven.
Auto’s met een nieuwe typegoedkeuring worden thans getest met de nieuwe WLTP-methode. Bij wijze van overgangsmaatregel wordt in 2018 voor de BPM-berekening echter nog de omgerekende NEDC-waarde van de CO2-uitstoot gehanteerd.

De BPM-tarieven worden per 2018 wel naar beneden bijgesteld. De nieuwe bijtellingstarieven leiden namelijk tot hogere belastingopbrengst, die via verlaging van de BPM aan de automobilist wordt teruggegeven.

Voor volledig elektrische auto’s blijft in 2018 de BPM-vrijstelling van kracht.

MRB

Volledig elektrische auto’s kunnen in 2018 gebruik maken van een MRB-nihiltarief. Voor plug-in hybride auto’s geldt een halftarief van de wegenbelasting (MRB).

Voor de berekening van de MRB gaat op een nader te bepalen tijdstip in 2018 de in Europa gebruikte term ‘massa rijklaar’ gelden in plaats van de ‘eigen massa’. Op de hoogte van de te betalen MRB heeft dat geen invloed.

Niet uitgesloten is dat in de parlementaire behandeling van het Belastingplan 2018 en bijbehorende wetsvoorstellen nog wijzigingen optreden. Wij houden u daar dan via onze website over op de hoogte.

19-09-2017http://www.autoenfiscus.nl/images/news/thumb280_Prinsjesdag2017a.jpg

Adresgegevens

Euromobil Zoetermeer
Industrieweg 2
2712LB Zoetermeer

Postbus 176
2700AD Zoetermeer

T: 079-3314300
F: 079-3433335

Meer info


Direct reserveren